Bernard van Klaarwater
Missionarissen uit de Nicolaasparochie: Bernardus Johannes van Klaarwater

Bernard van Klaarwater was de zoon van een timmerman met een groot gezin. Bernards moeder stierf toen Bernard tweeŽeneenhalf jaar oud was. Er waren toen vijf kinderen. Zijn vader hertrouwde en het gezin groeide uit tot twaalf kinderen. Het is begrijpeliijk dat van de jeugdige priesterroeping van Bernard met wat reserve werd kennisgenomen. Toch mocht hij naar de apostolische school van de missionarissen van het H. Hart (M.S.C.) te Tilburg. Na het gymnasium volgde het noviciaat te Someren. Op 21 september 1916 deed hij professie. Vervolgens begon hij te Arnhem aan de studie filosofie en theologie. Met nog zes medebroeders werd hij op 15 augustus 1921 te Utrecht priester gewijd.

Daarna was het wachten op een benoeming, liefst voor het werk in overzeese gebieden. Bernard had een voorkeur voor IndonesiŽ of de Filippijnen. Het werd het apostolisch vicariaat van Raboul (en daar nog 670 km. vandaan, bij het eiland Manus, een plek nog 3 keer verder dan het eind van de wereld). Op 30 januari 1923 vertrekt hij vanaf Londen.

Bernard was groot van postuur, stevig gebouwd, intellectueel ruim voldoende begaafd, goed in organiseren, graag en spontaan helpend, opgewekt van aard, oprecht vroom en in alles een serieuze kloosterling. Als minder positieve puntjes worden van hem vermeld dat hij regelmatig vergeetachtig is en vaak te laat komt. De overste destijds besluit zijn rapport: Joh. 1, 47 (een echte IsraŽliet, een mens zonder bedrog.)

Samen met twee Duitse medebroeders en drie Nederlandse zusters begint hij met grote ijver.
In het gebied Manus met zijn vele kleinere eilanden erbij was de katholieke missie pas in 1913 begonnen, met een zeer moeilijke start. Nu het Duits koloniaal gebied inmiddels Australisch was, had men er nu niet-Duitse hulp nodig.

Ook de Lutherse kerkgemeenschap had een aantal zendelingen op het eiland. De bevolking voelde zich heel wat beter thuis op het water dan op vaste grond. Er werden ook heel wat, onderling sterk verschillende, dialecten gesproken. Gelukkig waren er kostbare en vaak zeer toegewijde catechisten.

Na 11 jaar komt Van Klaarwater voor de eerste keer (en zoals we nu weten voor de laatste keer) naar Nederland terug voor een goede vakantie. Hij scheept weer in op 4 december 1935.

Terwijl in het Westen vanaf september 1939 de oorlog al volop woedde, besloot de Japanse kroonraad in 1941 tot oorlog tegen V.S. en Groot-BrittanniŽ en werden daardoor ook de noordkust van Papua Nieuw-Guinea en de eilanden in de Bismarck-Zee daar bezet. Ook Manus Island kwam onder Japans gezag. Op New-Brittain werden toen alle aanwezige missionarissen en andere vreemdelingen (350 personen) in een geweldig kamp nabij Raboul achter prikkeldraad gezet, bewaakt door de Japanse militaire politie.

De Japanse commandant ontving in 1943 kort achtereen drie brieven vanuit het hoofdkwartier.
  • alle buitenlanders naar Raboul overbrengen
  • de Akikaze (een torpedojager) komt langs om de mensen aan boord te nemen
  • en, eenmaal op open zee, werd door een kleine boot de derde brief aan kapitein Sabe overhandigd.

Het was woensdag 17 maart 1943. De brief was verzegeld. Luitenant Kai en de gehele bemanning raakten van streek, maar bevel was bevel. In alle haast werd op het achterdek een houten platform met daarop een soort schavot gebouwd. 2 bij 2 meter, 3,50 meter hoog. Terwijl de snelheid van het schip werd opgevoerd begon de moordpartij. De mannen kwamen eerst aan de beurt, daarna de vrouwen. Men moest zich uitkleden tot op het ondergoed. Dan werd men geblinddoekt. De handen werden bij de polsen vastgebonden aan een haak die aan een kabel bevestigd was. Het slachtoffer werd dan omhooggetrokken en door enkele soldaten doodgeschoten. Men liet het lichaam zakken, maakte het los en wierp het in zee. Drie kinderen werden levend in zee gegooid. De schietpartij begon kort na het middaguur en duurde ongeveer drie uur. Er werden 62 mensen omgebracht. Het schip voer op volle snelheid om zodoende het geluid vanhet schieten te overstemmen. Na zonsondergang bereikte men Raboul. Jarenlang is men onwetend gebleven omtrent het lot van Bernard van Klaarwater. Hij moest op zee verdwenen zijn, maar nadere gegevens ontbraken. Pas in de jaren zestig is pater Ralph M.Wiltgens S.V.D. erin geslaagd via officiŽle instanties in AustraliŽ en de Verenigde Staten van Amerika de geschiedenis van de Akikaze te achterhalen.

(Een uitgebreide beschrijving van dit vindt u in hoofdstuk VIII van het boek GETUIGEN VOOR CHRISTUS, ondertitel: Rooms-katholieke bloedgetuigen uit Nederland in de twintigste eeuw, dat in 2008 is uitgegeven in opdracht van de Nederlandse bisschoppenconferentie, en te bestellen is: Administratie NRL, Biltstraat 121, Postbus 13049, 3507 LA Utrecht.)